Het is hier al enige tijd stil en dat heeft verschillende redenen. Met Hemelvaart trok ik voor enkele dagen naar de Champagnestreek. Ik nam ook de koersfiets mee en deed hier twee korte ritten van om en bij de 60km. We deden hierbij voor de Route Touristique aan en dit is een echte aanrader om te fietsen, verschillende klimmetjes zouden in de Ardennen trouwens niet misstaan.
In juni reed ik ook nog twee VTT-ritten in Zomergem en Zwalm. Vooral in Zwalm moest er wat geklommen worden alhoewel het nooit echt steil of technisch werd. In tegenstelling tot bij de Herdermarathon van enkele weken daarvoor, heb ik de kleine plateau niet nodig gehad.
Begin juli vertrok ik dan op verlof. We reisden via Denemarken en de ferry naar Zuid-Noorwegen om daar een rondreis van 2 weken te maken. Via Zweden, Oslo en Kopenhagen keerden we terug naar België. Voor de mensen die van natuur houden is Noorwegen een absolute aanrader. Ik zou hier zeer graag nog eens terugkeren met de fiets, wie weet als deelnemer aan de schitterende Viking Tour: http://www.vikingtour.org/.
Intussen ben ik in de weekends aan het werk in mijn huis, veel tijd om te fietsen schiet er dus niet over. Ik probeer nu wel 3 keer in de week te lopen om de conditie wat te onderhouden en een beetje in form te geraken voor het komende voetbalseizoen.
Later dit jaar volgt er ongetwijfeld meer fietsnieuws!
zondag 24 juli 2011
zondag 29 mei 2011
Maldegem - Kemmel - Maldegem - 185km
Een 10-tal Ledecrossers tekenden zaterdag om 7u present aan het zwembad in Maldegem. De meesten zouden de 108km rijden maar André, Antoine en ik kozen voor de langste afstand van 185km. Aangezien beide parcoursen tot aan de eerste controle gelijk liepen, vertrokken we allemaal samen. De wind stond meteen strak in het nadeel en gezien de lange afstand besloot ik het eerste deel in het wiel te blijven zitten.
Na een 20km kwamen we voor een openstaande brug te staan. We stonden hier een 10-tal minuten en intussen hadden zich hier reeds een 60-tal wielertoeristen verzameld die ook rond 7u vertrokken waren. Na het neerlaten van de brug vertrokken we met het hele peleton richting eerste controle. Echt aangenaam rijden is het niet in zo een grote groep en het is belangrijk steeds waakzaam te zijn voor onverwachte manoeuvres van voorliggers. We bereikten echter zonder ongelukken de eerste stop, we hadden 52km tegen de wind afgelegd en amper moeten trappen. Toch wel een voordeel bij zo een lange rit.
Na de controle vertrokken André, Antoine en ik alleen richting Kemmel. We dienden nu zelf in de wind te rijden en dat liet zich toch voelen. Vooral op de vele stukken vals plat was het lastig om het tempo erin te houden. Gelukkig beschikte André (na zijn fietsreis in Frankrijk) over sterke benen en hij deed dan ook het meeste kopwerk. Na een 90km kwamen we in het heuvelland terecht waar vier hellingen op ons wachtten. De eerste, Boeschepeberg, was een lange klim met een kort steil stukje (1400m, 6% gem en 14% max). De Zwarte en Rode berg zijn op zich niet zo lastig maar de Kemmelberg is dat des te meer. We reden de Kemmel op langs de steilste kant, op het asfalt gaat het al aan 17% en eens op de (slechte) kasseien piekt het naar 22% (!!). Het kleinste verzet kwam hier goed van pas. Vlak na de Kemmelberg hadden we opnieu controle, we waren nu iets over halfweg.
De terugweg verliep een stuk vlotter aangezien de wind vol in de rug zat. Het tempo schommelde gedurende deze 85km voortdurend rond de 35 km/u zonder dat we hier echt veel moeite voor moesten doen. Heel snel waren we aan de laatste controle op 145km en rond 14u20 waren we reeds terug in Maldgem met 185km op de teller. Door de gunstige wind (tegen in het begin en mee terug) haalden we een gemiddelde van boven de 29 km/u. Ik heb nu 20 klimbrevetten gereden en kan mijn formulier binnendoen. De volgende weken zal ik waarschijnlijk iets minder lange afstanden fietsen en misschien nog eens mountainbiken tussendoor.
Na een 20km kwamen we voor een openstaande brug te staan. We stonden hier een 10-tal minuten en intussen hadden zich hier reeds een 60-tal wielertoeristen verzameld die ook rond 7u vertrokken waren. Na het neerlaten van de brug vertrokken we met het hele peleton richting eerste controle. Echt aangenaam rijden is het niet in zo een grote groep en het is belangrijk steeds waakzaam te zijn voor onverwachte manoeuvres van voorliggers. We bereikten echter zonder ongelukken de eerste stop, we hadden 52km tegen de wind afgelegd en amper moeten trappen. Toch wel een voordeel bij zo een lange rit.
Na de controle vertrokken André, Antoine en ik alleen richting Kemmel. We dienden nu zelf in de wind te rijden en dat liet zich toch voelen. Vooral op de vele stukken vals plat was het lastig om het tempo erin te houden. Gelukkig beschikte André (na zijn fietsreis in Frankrijk) over sterke benen en hij deed dan ook het meeste kopwerk. Na een 90km kwamen we in het heuvelland terecht waar vier hellingen op ons wachtten. De eerste, Boeschepeberg, was een lange klim met een kort steil stukje (1400m, 6% gem en 14% max). De Zwarte en Rode berg zijn op zich niet zo lastig maar de Kemmelberg is dat des te meer. We reden de Kemmel op langs de steilste kant, op het asfalt gaat het al aan 17% en eens op de (slechte) kasseien piekt het naar 22% (!!). Het kleinste verzet kwam hier goed van pas. Vlak na de Kemmelberg hadden we opnieu controle, we waren nu iets over halfweg.
De terugweg verliep een stuk vlotter aangezien de wind vol in de rug zat. Het tempo schommelde gedurende deze 85km voortdurend rond de 35 km/u zonder dat we hier echt veel moeite voor moesten doen. Heel snel waren we aan de laatste controle op 145km en rond 14u20 waren we reeds terug in Maldgem met 185km op de teller. Door de gunstige wind (tegen in het begin en mee terug) haalden we een gemiddelde van boven de 29 km/u. Ik heb nu 20 klimbrevetten gereden en kan mijn formulier binnendoen. De volgende weken zal ik waarschijnlijk iets minder lange afstanden fietsen en misschien nog eens mountainbiken tussendoor.
vrijdag 27 mei 2011
Egmontfietstocht - 90km
Op zondag, de dag na mijn mountainbikerit in Maarkedal, reed ik samen met Pieter en Franky DV de Egmontfietstocht in Zottegem. Deze rit loopt voor het grootste deel doorheen Henegouwen, een streek die wij met de ritten in onze bond niet zoveel aandoen. Iets na de start kwamen we terecht bij een groepje wielertoeristen uit Sint Maria Oudenhove, samen met hen (vooral in hun wiel) zouden we de volledige rit afleggen. Tot voor de controle in Frasnez ging de weg steeds golvend op en neer, steil was het echter nooit. De mannen van Oudenhove hielden er op deze stukken wel een stevig tempo op na waardoor we toch soms eens op de tanden moesten bijten.
Na de controle kwamen de echte hellingen eraan waarvan de Bourliquet en Hameau de Wilz de lastigste waren. Hier voelde ik de inspanningen van de dag voordien in de benen en moest ik het noodgedwongen kalm aan doen. Op het einde van de rit viel het groepje nog uiteen bij de beklimming van de Langendries maar toen waren we reeds terug in Zottegem. Een leuk ritje voor een zondagvoormiddag!
Na de controle kwamen de echte hellingen eraan waarvan de Bourliquet en Hameau de Wilz de lastigste waren. Hier voelde ik de inspanningen van de dag voordien in de benen en moest ik het noodgedwongen kalm aan doen. Op het einde van de rit viel het groepje nog uiteen bij de beklimming van de Langendries maar toen waren we reeds terug in Zottegem. Een leuk ritje voor een zondagvoormiddag!
Herdermarathon VTT - 60km
Op zaterdag besloot ik mijn mountainbike nog eens van stal te halen. Een collega van mij is zich immers aan het voorbereiden op een TransAlp en zoekt daarvoor mountainbikeritten met hoogtemeters en technische passages. Ik besloot om hem te vergezellen op een van zijn trainingsritten en daarvoor trokken we naar Maarkedal voor de befaamde Herdermarathon. Deze rit geldt als één van de hoogtepunten voor de echte mountainbikers en de die-hards kunnen hier zelfs tot 140 km op de pedalen stampen. Aangezien Maarkedal zich temidden de Vlaamse Ardennen bevindt, zijn de bijhorende hoogtemeters eveneens aanwezig.
Wij kozen voor de 60km met 1000 hoogtemeters, dit zou (zeker voor mij) volstaan. Het moet ongeveer een jaar geleden zijn dat ik mijn mountainbike nog eens van stal haalde en het duurde dan ook een tijdje eer ik terug een goed gevoel had op deze fiets. Vlak na de start kregen we al een single track te verwerken met enkele korte bochten, gezien de grote drukte ging het hier al meteen stapvoets. De eerste 20km zouden we nog verschillende keren te voet staan door de drukte op het parcours. Eens daar voorbij keerde de rust echter terug en was het heel aangenaam fietsen.
De eerste bevoorrading lag na 15km en daar dienden we ook een 10-tal minuten aan te schuiven om aan wat drank en eten te komen. Hiervoor had ik (vooral ten gevolge van mijn technisch onvermogen) al eens kennis gemaakt met de grond, gelukkig niet te hard en zonder erg. Ondanks het technische parcours zou het bij deze ene keer blijven wat voor mij toch geen slechte prestatie is. De meeste afdalingen nam ik ook met de nodige voorzichtigheid. Een onverwachte put, steen of boomwortel kan er immers voor zorgen dat je plots je eigen fiets voorbijsteekt en dat proberen we natuurlijk te vermijden.
Het moet gezegd dat mountainbiken qua inspanning volledig anders is dan het fietsen op de weg. Ondanks het feit dat ik ritten van 150-200km op de weg goed verteer, heb ik toch enorm afgezien in de laatste 15km van deze rit. De voortdurende opeenvolging van hellingen begon toch zijn tol te eisen. Daarnaast was ik bij de beklimming van de Pottelberg halfweg de rit al eens diep moeten gaan. Ik geraakte achteraan immers niet op mijn 4 kleinste versnellingen. Door het aanspannen van de derailleurkabel was dit euvel echter snel verholpen. Gelukkig want ik kon die kleinste versnellingen goed gebruiken bij de beklimming van de IJskelder vlak na de laatste bevoorrading. Op het einde kregen we ook nog een klim aan het Peerdegedoe voor de wielen maar die was gelukkig niet al te steil meer.
Na 60km kwamen we terug bij het voetbalveld aan de Tenhoutestraat. De organisatie verdient zeker een pluim voor het prachtige en perfect gepijlde parcours dat ze ons voorschotelden. Daarbij kregen we 3 uitgebreide bevoorradingen en waren de gevaarlijke oversteken voorzien van seingevers. Volgend jaar kom ik zeker terug, hopelijk laat de conditie dan een langere afstand toe!
Wij kozen voor de 60km met 1000 hoogtemeters, dit zou (zeker voor mij) volstaan. Het moet ongeveer een jaar geleden zijn dat ik mijn mountainbike nog eens van stal haalde en het duurde dan ook een tijdje eer ik terug een goed gevoel had op deze fiets. Vlak na de start kregen we al een single track te verwerken met enkele korte bochten, gezien de grote drukte ging het hier al meteen stapvoets. De eerste 20km zouden we nog verschillende keren te voet staan door de drukte op het parcours. Eens daar voorbij keerde de rust echter terug en was het heel aangenaam fietsen.
De eerste bevoorrading lag na 15km en daar dienden we ook een 10-tal minuten aan te schuiven om aan wat drank en eten te komen. Hiervoor had ik (vooral ten gevolge van mijn technisch onvermogen) al eens kennis gemaakt met de grond, gelukkig niet te hard en zonder erg. Ondanks het technische parcours zou het bij deze ene keer blijven wat voor mij toch geen slechte prestatie is. De meeste afdalingen nam ik ook met de nodige voorzichtigheid. Een onverwachte put, steen of boomwortel kan er immers voor zorgen dat je plots je eigen fiets voorbijsteekt en dat proberen we natuurlijk te vermijden.
Het moet gezegd dat mountainbiken qua inspanning volledig anders is dan het fietsen op de weg. Ondanks het feit dat ik ritten van 150-200km op de weg goed verteer, heb ik toch enorm afgezien in de laatste 15km van deze rit. De voortdurende opeenvolging van hellingen begon toch zijn tol te eisen. Daarnaast was ik bij de beklimming van de Pottelberg halfweg de rit al eens diep moeten gaan. Ik geraakte achteraan immers niet op mijn 4 kleinste versnellingen. Door het aanspannen van de derailleurkabel was dit euvel echter snel verholpen. Gelukkig want ik kon die kleinste versnellingen goed gebruiken bij de beklimming van de IJskelder vlak na de laatste bevoorrading. Op het einde kregen we ook nog een klim aan het Peerdegedoe voor de wielen maar die was gelukkig niet al te steil meer.
Na 60km kwamen we terug bij het voetbalveld aan de Tenhoutestraat. De organisatie verdient zeker een pluim voor het prachtige en perfect gepijlde parcours dat ze ons voorschotelden. Daarbij kregen we 3 uitgebreide bevoorradingen en waren de gevaarlijke oversteken voorzien van seingevers. Volgend jaar kom ik zeker terug, hopelijk laat de conditie dan een langere afstand toe!
donderdag 19 mei 2011
Drongen - Valenciennes - Drongen - 215km
Op de dag van de arbeid stond een van de klassiekers van de WBV op het programma: Drongen-Valenciennes-Drongen, met zijn 215km het langste klimbrevet op de agenda. Ik reed op zondagochtend naar de Blaarmeersen en ging daar wel kijken welke Ledecrossers er waren en welke afstand zij zouden rijden. Bij aankomst bleek dat Dirk R, Etienne, Franky en Antoine de lange rit gingen rijden. Gezien het mooie weer besloot ik dan ook mee te rijden. Samen met nog twee wielertoeristen uit Zottegem en een Nederlander uit Phillipine zouden we de volledige afstand afleggen.
De eerste controle lag na 75km in Frasnez-Les-Anvaing. Om hier te geraken dienden we de Vlaamse Ardennen en een deel van het Pays des Collines te doorkruisen. Hier kregen we enkele hellingen te verwerken van welke Berg Ten Houtte toch wel de lastigste was met een stukje van bij de 20%. Gezien de beperkte trainingskilometers deed ik het rustig aan en nam sporadisch eens over van Dirk die bijna de hele tijd kop trok.
Na de controle in Frasnez restte ons een korter stuk van 35km tot in Valenciennes. Enkele kilometers voor de stop reed Franky nog plat maar dit euvel was snel hersteld. Rond 11u kwamen we zo bij ons keerpunt aan. Tot nu toe was alles vlot gegaan maar we hadden dan ook de hele tijd al wind in de rug gekregen.
Eens terug vertrokken bleek al snel dat de terugtocht geen makkie zou worden. De wind stond stevig in het nadeel en zelfs in de stukken bergaf moest er bijgetrapt worden om aan 30km/u te geraken. Samen met Dirk nam ik het kopwerk voor mijn rekening, ik voelde mij nog steeds heel goed en we pasten het tempo aan zodat iedereen meekon. Echt zware hellingen kregen we nog niet voor de wielen maar de golvende wegen en tegenwind maakten het toch flink lastig.
Na een 135km begon ik er door te zitten en ik kroop dan ook wijselijk in het wiel. Gelukkig namen de mannen van Zottegem en Phillipine nu ook geregeld over van Dirk. We kwamen stilaan terug in de buurt van Ronse en de Vlaamse Ardennen en moesten nu toch een paar keer stevig bergop. Net voor de controle moesten we nog over de Kanarieberg, Kappelenberg en Boigneberg. Op deze laatste zag ik toch even sterretjes maar gelukkig waren we snel aan de controle waar ik kon eten, drinken en wat uitrusten.
Het laatste deel was vooral golvend en we reden aan een mooi tempo terug richting Gent. In Gavere stopten we nog even aan de bevoorrading van de mountainbikers en rond 4u arriveerden we aan de watersportbaan waar we nog konden genieten van een rijsttaartje en een verdiende trappist. Na deze rit moet ik nog één klimbrevet rijden, waarschijnlijk wordt dit Maldegem-Kemmel-Maldegem.
De eerste controle lag na 75km in Frasnez-Les-Anvaing. Om hier te geraken dienden we de Vlaamse Ardennen en een deel van het Pays des Collines te doorkruisen. Hier kregen we enkele hellingen te verwerken van welke Berg Ten Houtte toch wel de lastigste was met een stukje van bij de 20%. Gezien de beperkte trainingskilometers deed ik het rustig aan en nam sporadisch eens over van Dirk die bijna de hele tijd kop trok.
Na de controle in Frasnez restte ons een korter stuk van 35km tot in Valenciennes. Enkele kilometers voor de stop reed Franky nog plat maar dit euvel was snel hersteld. Rond 11u kwamen we zo bij ons keerpunt aan. Tot nu toe was alles vlot gegaan maar we hadden dan ook de hele tijd al wind in de rug gekregen.
Eens terug vertrokken bleek al snel dat de terugtocht geen makkie zou worden. De wind stond stevig in het nadeel en zelfs in de stukken bergaf moest er bijgetrapt worden om aan 30km/u te geraken. Samen met Dirk nam ik het kopwerk voor mijn rekening, ik voelde mij nog steeds heel goed en we pasten het tempo aan zodat iedereen meekon. Echt zware hellingen kregen we nog niet voor de wielen maar de golvende wegen en tegenwind maakten het toch flink lastig.
Na een 135km begon ik er door te zitten en ik kroop dan ook wijselijk in het wiel. Gelukkig namen de mannen van Zottegem en Phillipine nu ook geregeld over van Dirk. We kwamen stilaan terug in de buurt van Ronse en de Vlaamse Ardennen en moesten nu toch een paar keer stevig bergop. Net voor de controle moesten we nog over de Kanarieberg, Kappelenberg en Boigneberg. Op deze laatste zag ik toch even sterretjes maar gelukkig waren we snel aan de controle waar ik kon eten, drinken en wat uitrusten.
Het laatste deel was vooral golvend en we reden aan een mooi tempo terug richting Gent. In Gavere stopten we nog even aan de bevoorrading van de mountainbikers en rond 4u arriveerden we aan de watersportbaan waar we nog konden genieten van een rijsttaartje en een verdiende trappist. Na deze rit moet ik nog één klimbrevet rijden, waarschijnlijk wordt dit Maldegem-Kemmel-Maldegem.
maandag 2 mei 2011
Wetteren-Steenhuize-Wetteren - 75km
Anderhalve week geleden reed ik samen met Pieter het klimbrevet Wetteren-Steenhuize-Wetteren. Starten deden we in de Lambroekstraat voor een toer van 75km, ideaal voor een zondagvoormiddag. Het parcours leidde ons langsheen rustige en veelal golvende wegen. Zware hellingen zitten er niet in het parcours en echt van een klimbrevet spreken, lijkt dan ook wat overdreven. De enige bekende klimmetjes die we kregen voorgeschoteld waren Grotenberge in Zottegem en de Pijpketel in Sint-Lievens-Esse. Na een 40-tal km waren we dan ook vrij snel bij de controle in Steenhuize waar de karikaturen van wijlen vdb en de gebroeders Scheirlinckx de ramen sieren.
In het terugkeren zat de wind wat meer in het nadeel maar heel veel moeite hadden we hier niet mee. Enkel op de stukjes vals plat in Herzele en Erondegem diende er eens te worden doorgeduwd om de snelheid erin te houden. Uiteindelijk kwamen we zo zonder veel moeite te zijn aan in Massemen. We hadden er opnieuw een leuke zondagvoormiddag opzitten en het 18de klimbrevet op de lijst is ook mooi meegenomen. Nog 2 te gaan!
In het terugkeren zat de wind wat meer in het nadeel maar heel veel moeite hadden we hier niet mee. Enkel op de stukjes vals plat in Herzele en Erondegem diende er eens te worden doorgeduwd om de snelheid erin te houden. Uiteindelijk kwamen we zo zonder veel moeite te zijn aan in Massemen. We hadden er opnieuw een leuke zondagvoormiddag opzitten en het 18de klimbrevet op de lijst is ook mooi meegenomen. Nog 2 te gaan!
dinsdag 19 april 2011
Ritje Vlaamse Ardennen - 85km
Vorige zaterdag besloot ik de Vlaamse Ardennen nog eens te doorkruisen met de fiets. Terwijl de rest aan de slag was in Zomergem voor het brevet 200 reed ik met de wagen naar Oudenaarde om daar te vertrekken voor een zelf uitgestippeld ritje. Ik ken de streek immers al goed genoeg om via de leuke wegjes van helling tot helling te rijden.
Een goeie kilometer voorbij het centrum Ronde van Vlaanderen begon ik aan de eerste beklimming van de dag, de Achterberg. Deze klim is op zich niet zo heel lastig (enkel een steil stukje in het begin) maar eens boven wordt je getrakteerd op een schitterend uitzicht. Daarom verkies ik deze klim steeds boven de Edelare die via de grote baan op dezelfde plaats uitkomt.
Boven gekomen daalde ik de Ladeuze af om even verder de Eikenberg aan te vatten, een vrij lange maar niet zo steile kasseihelling. Daar boven kwam ik op het parcours van de Peter Van Peteghem Classic terecht. Gezien de grote drukte wilde ik hier zo snel mogelijk terug vanaf en via een kort stukje Kapellenberg reed ik richting Ganzenberg (zijkant van de Foreest). Vanaf daar volgde ik de pijltjes van de rit "Oost Vlaamse bergen" die ik enkele weken geleden reed. Zo kwam ik via de prachtige klim naar Saint Sauveur terug in Ronse terecht. In Elezelles had ik wel een klein ommetje gemaakt om La Houppe erbij te nemen, een van mijn favoriete hellingen.
Van Ronse reed ik richting Russeignies en beklom de Cote de Trieu, deze liep alvast een stuk vlotter dan enkele weken terug. Aangezien de benen nog vrij goed waren, besloot ik nog enkel steilere klimmen mee te nemen. Zo reed ik nog naar de Paterberg, Kwaremont, Kortekeer en de Taaienberg. Op het einde deed ik ook nog de Ladeuze eens om toch bergaf Oudenaarde te kunnen binnenrijden.
De rit afsluiten deed ik het Centrum Ronde van Vlaanderen met een Flandrienbiertje. Ik voelde tijdens de rit duidelijk dat de vermoeidheid mij nog parten speelt, vooral bergop is het nog steeds harken. Toch ging het al een stukje beter dan enkele weken terug wat er toch op wijst dat de ijzerpillen en vitaminen hun werk doen. Volgende week zal ik op zaterdag waarschijnlijk niet rijden. Op vrijdag vieren we namelijk het 5 jarig bestaan van mijn voetbalclub (http://www.athletico-oudenbos.be/) met onze 5de eetfestijn.
Begin deze week bleek ook dat maar liefst 19 Ledecrossers het brevet 200 gereden hebben, een mooie prestatie die veel respect verdient!
Een goeie kilometer voorbij het centrum Ronde van Vlaanderen begon ik aan de eerste beklimming van de dag, de Achterberg. Deze klim is op zich niet zo heel lastig (enkel een steil stukje in het begin) maar eens boven wordt je getrakteerd op een schitterend uitzicht. Daarom verkies ik deze klim steeds boven de Edelare die via de grote baan op dezelfde plaats uitkomt.
Boven gekomen daalde ik de Ladeuze af om even verder de Eikenberg aan te vatten, een vrij lange maar niet zo steile kasseihelling. Daar boven kwam ik op het parcours van de Peter Van Peteghem Classic terecht. Gezien de grote drukte wilde ik hier zo snel mogelijk terug vanaf en via een kort stukje Kapellenberg reed ik richting Ganzenberg (zijkant van de Foreest). Vanaf daar volgde ik de pijltjes van de rit "Oost Vlaamse bergen" die ik enkele weken geleden reed. Zo kwam ik via de prachtige klim naar Saint Sauveur terug in Ronse terecht. In Elezelles had ik wel een klein ommetje gemaakt om La Houppe erbij te nemen, een van mijn favoriete hellingen.
![]() |
| Paterberg |
Van Ronse reed ik richting Russeignies en beklom de Cote de Trieu, deze liep alvast een stuk vlotter dan enkele weken terug. Aangezien de benen nog vrij goed waren, besloot ik nog enkel steilere klimmen mee te nemen. Zo reed ik nog naar de Paterberg, Kwaremont, Kortekeer en de Taaienberg. Op het einde deed ik ook nog de Ladeuze eens om toch bergaf Oudenaarde te kunnen binnenrijden.
De rit afsluiten deed ik het Centrum Ronde van Vlaanderen met een Flandrienbiertje. Ik voelde tijdens de rit duidelijk dat de vermoeidheid mij nog parten speelt, vooral bergop is het nog steeds harken. Toch ging het al een stukje beter dan enkele weken terug wat er toch op wijst dat de ijzerpillen en vitaminen hun werk doen. Volgende week zal ik op zaterdag waarschijnlijk niet rijden. Op vrijdag vieren we namelijk het 5 jarig bestaan van mijn voetbalclub (http://www.athletico-oudenbos.be/) met onze 5de eetfestijn.
Begin deze week bleek ook dat maar liefst 19 Ledecrossers het brevet 200 gereden hebben, een mooie prestatie die veel respect verdient!
vrijdag 15 april 2011
Dwars door het Pajottenland - 120km
Ondanks de vermoeidheid besloot ik om vorig weekend toch maar af te zakken naar Haaltert voor het klimbrevet “Dwars door het Pajottenland”. Het weer was immers te mooi om binnen te blijven en de streek tussen Haaltert en Brussel is schitterend om te fietsen.
Rond 7u vertrokken we voor de 120km met daarin 18 hellingen. De zon had de koude nacht nog niet helemaal verdreven en het duurde toch even eer lijf en leden opgewarmd geraakten. De eerste kilometers draaiden en keerden we nog wat in de dorpskernen rond Haaltert maar na kwartiertje bevonden we ons tussen de glooiende velden. De wegen in het Pajottenland zijn dan ook echte “veldwegen” en liggen er erbarmelijk bij. Een hele rit dienden we tussen putten, zand en grind door te laveren. Op Dirk Rasschaert na slaagden we er wel in om de rit af te werken zonder lekke banden. Dirk was bij de eerste controle in een punaise gereden en was zijn band al aan het vervangen toen wij daar iets later aankwamen.
Na de eerste controle begon de zon ook wat meer warmte te geven en konden we onze windstoppers wegsteken. De opeenvolging van hellingen zorgde er ook voor dat we niet echt kou kregen. De bergjes in het Pajottenland zijn - op enkele na - niet zo lastig en dat maakt deze rit ideaal om de klimmersbenen in te rijden. Vanaf eind april ligt er immers zwaardere klimritten op ons te wachten.
Het laatste deel van de rit bevatte nog enkele pittige klimmetjes, de wind zat ook vrij stevig tegen en we forceerden dan ook niet. Op die manier kon iedereen vrij comfortabel binnen rijden en nagenieten van de leuke rit. Op de organisatie viel niets aan te merken, de pijltjes waren duidelijk gezet en bij de controles kregen we telkens iets mee om te eten.
Volgende week zullen sommigen het brevet 200 rijden, ik heb hiervoor niet voldoende tijd en rijd waarschijnlijk de PVP Classic of vertrek thuis voor een ritje.
maandag 28 maart 2011
Oost-Vlaamse bergen Ronse - 70km
Wegens een te laag ijzergehalte in het bloed moet ik het momenteel iets rustiger aan doen op de fiets. Geen traditioneel brevet 150 dus op zaterdag, wel een rustig ritje doorheen de Vlaamse Ardennen op zondag. Hiervoor trok ik samen met broer Pieter naar Ronse waar WTC Jong Van Hart het klimbrevet “Oost-Vlaamse Bergen” organiseerde. Door deze rit te rijden kon ik ook het 17de klimbrevet op mijn controleformulier bijschrijven.
Rond kwart voor tien vertrokken we in Ronse voor een pittige tocht van 70km die – ondanks de korte afstand –toch voorzien was van enkele stevige kuitenbijters. Na enkele kilometers kregen we de Côte de Trieu reeds voor de wielen geschoven. Op zaterdag toonde Fabian Cancellara hier dat hij wel degelijk de topfavoriet is voor de Ronde Van Vlaanderen. Wij deden het – vooral uit noodzaak – iets rustiger aan. Blijkbaar werd op zondag ook de E3-prijs voor wielertoeristen gereden, vaak kruisten we het parcours waar hele pelotons over raasden.
De afdaling van de Trieu leidde ons snel richting Koppenberg die we letterlijk links lieten liggen. Via de Rotelenberg en de Elststraat overwonnen we wel hetzelfde hoogteverschil en kwamen zo ook boven aan de steenweg uit. ’S Avonds zagen we in het één-programma “De Ronde” dat dit de omleiding is die volgwagens en motoren moeten volgen tijdens de Ronde Van Vlaanderen om de Koppenberg te vermijden.
Na een 35km arriveerden we bij de controle in een klein volkscafé in Ename. De vriendelijke stempelaar had ons hier duidelijk niet meer verwacht, een “echte” wielertoerist start immers op het vroegste startuur en niet om kwart voor tien. Na vlug een cola te hebben gedronken, vertrokken we voor het tweede deel van de rit met nu ook de zon van de partij. Met nu ook de beklimming van de Boskant in de benen trapten we richting Mater, de beruchte kasseistrook dienden we hier gelukkig enkel te kruisen.
Het moet gezegd dat de parcoursbouwer ons een schitterend parcours voorschotelde. Terwijl de deelnemers van de E3-prijs langsheen de gekende wegen en platgereden hellingen werden gestuurd, wist hij ons te verrassen met nieuwe kleine wegjes doorheen de schitterende dorpen die de Vlaamse Ardennen zo kenmerken. Vaak krijg je de indruk dat de tijd hier 50 jaar heeft stilgestaan en het beeld van de beroemde flandriens die ooit over deze wegen zwoegden, is nooit veraf.
Via Sint-Kornelis Horebeke en Schorisse reden we met de wind in de rug over de Foreest richting Ronse. Alvorens de wielerstad binnen te rijden, kregen we nog een prachtig ommetje aan de andere kant van de taalgrens voorgeschoteld. De rust en stilte die we hier terugvonden, is bijna ongekend in het volgebouwde en drukke Vlaanderen. Na een mooie lange klim naar het bos in Saint Sauveur zaten de lastige kilometers erop. Er restte ons enkel nog een snelle afdaling richting Ronse.
Met 72 km op de teller parkeerden we onze fiets terug voor café Au Doux Repos, het stamcafé van WTC Jong Van Hart. Oude foto’s van clubleden in gele wollen wielertruien sieren de muren van het café en een zwart-wit foto van de Franse renner Henry Anglade doet terugdenken aan tijden waarin stalen fietsen en grindwegen de koers nog bepaalden. Bij aankomst werden we door de parcoursbouwer nog getrakteerd op een flink stuk rijsttaart om terug op krachten te komen.
Ondanks het mooie weer vonden maar 137 mensen de weg naar Ronse voor deze prachtige rit. Dit is erg jammer want een organisatie als deze verpersoonlijkt de essentie van het wielertoerisme. Voor slechts 1,5€ wordt je door de organisatoren vriendelijk ontvangen en krijg je een schitterend parcours voorgeschoteld doorheen een landschap dat koers ademt.
Abonneren op:
Posts (Atom)
